Publications

Inhoud

 
Ten geleide
Filip Zutterman, themaredacteur
 

Vroegtijdige zorgplanning: garantie op kwaliteitsvol ouder worden?
Let Dillen, Jan Steyaert en Jurn Verschraegen

Burgers zijn de afgelopen decennia steeds meer gesprekspartners geworden van artsen en beslissen mee welke zorg ze wel of niet krijgen. Hogere scholingsgraad, democratisering van gezondheidsinformatie en betere patiëntenrechten zorgen daarvoor. Vroegtijdige zorgplanning is het communicatieproces tussen burger, professionals en de sociale omgeving van de burger over wensen inzake ‘de laatste reis’. In dit artikel wordt het huidige denken rondom vroegtijdige zorgplanning geschetst met specifieke aandacht voor personen met dementie.

 

Een ethische reflectie op vroegtijdige zorgplanning
Axel Liégeois

Vanuit ons ethisch perspectief zien we het proces van vroegtijdige zorgplanning en de mogelijke wilsverklaring als een proces van evalueren van waarden, in een dialoog tussen de betrokken en vanuit goede grondhoudingen. Dit ethisch perspectief dat focust op ‘waarden in dialoog’, bevestigt de nadruk op het proces van overleg en het uitklaren van waarden en wensen. Er wordt ook ingegaan op de plaats van de wettelijk vertegenwoordiger, en op de waarde van geschreven wilsverklaringen.

 

Vroegtijdige zorgplanning als vorm van levens- en stervenskunst?
Anne Vandenhoeck   

Vroegtijdige zorgplanning of ‘advanced care planning’ lijkt een recente ontwikkeling in de gezondheidszorg. Niets is echter minder waar. Anne Vandenhoeck brengt in dit artikel de middeleeuwse ars moriendi in herinnering, en reageert op basis hiervan op het artikel van Dillen, Steyaert en Verschraegen. In ieder geval wordt duidelijk dat vroegtijdige zorgplanning niet zomaar als garantie kan gelden voor ‘kwaliteitsvol ouder worden’.

 

De inbreng van de pastor in het proces van vroegtijdige zorgplanning.
Een reflectie uit de praktijk
Lucas Lissnyder

In de UZ Leuven werd enkele jaren geleden een spirituele checklist ontwikkeld om in palliatieve situaties te gebruiken. Sindsdien is deze checklist steeds meer geïntegreerd in de werking – en zelfs de elektronische registratie – van verschillende afdelingen. Lucas Lissnyder blikt aan de hand van een concreet voorbeeld terug, en reflecteert kort over enkele uitdagingen die dit model met zich meebrengt.

 

‘Omdat we niet anders kunnen…’
Persoonlijk getuigenis over de plaats van de pastor in de vroegtijdige zorgplanning Joke Vermeren In de woonzorgcentra van de vzw Zorgsaam Zusters Kindsheid Jesu bestaat een visietekst over de plaats van de pastor in VZP. Joke Vermeren, werkzaam Ons Zomerheem in Zomergem, ontwikkelt in haar bijdrage een persoonlijk getuigenis naast deze visietekst. Ze heeft het over de pastor als medemens, als professional en als gelovige.

 

Vroegtijdige Zorgplanning in het WZC Mariahuis
Praktijkervaringen over palliatieve en comfortzorgen

Lucia Goubert en Lidia Vanbruwaene

In veel woonzorgcentra is ondertussen een commissie voor ethiek, en steevast staat vroegtijdige zorgplanning en alles wat daarbij komt kijken daar op de agenda. Zo ook in WZC Mariahuis in Gavere. Palliatief referent Lidia Vanbruwaene en pastor Lucia Goubert vertellen over de drempels die ze ondervonden om het idee van vroegtijdige zorgplanning ingang te doen vinden bij hun bewoners.

 

Gebed van de pastor
Filip Zutterman

Daar sta je dan, als pastor, met je empathie…

 

Amputatie bij vaatpatiënten
(deel I: Wachten op definitieve verminking)
Christine Maertens

Deze bijdrage is het eerste deel van een dubbel artikel over spirituele en pastorale zorg voor mensen die ten gevolge van ziekte een amputatie van een lichaamsdeel moeten ondergaan. Christine Maertens is pastor op een afdeling vaatziekten, waar veel dergelijke patiënten verblijven. Ze beschrijft en overdenkt in dit eerste deel haar ervaringen met de belevingen van patiënten die zich voorbereiden op een verminking van hun lichaam.

 

 


 

<< Terug naar overzicht

Inhoud

Ten geleide
Legitimering van pastorale zorg
Pieter Vandecasteele

 

Legitimatie van pastorale zorg?
Waarvan? En voor wie? En waartoe?
Koen De Fruyt

Al langer dan vandaag proberen pastores hun opdracht te verhelderen, te verantwoorden en te legitimeren. In deze bijdrage legt de auteur vanuit zijn ervaring hiermee in zijn opdracht als stafmedewerker pastoraat in de GGZ bij de Broeders van Liefde enkele vragen en bedenkingen voor die hem bij het toekomstgericht nadenken hierover belangrijk lijken.

 

Integratie van zingeving en spiritualiteit in de psychiatrische verzorging
Roeland Polspoel

In deze bijdrage geeft de auteur weer op welke manier de integratie van het pastorale zorgaanbod tot stand kwam in de psychiatrische verzorgingscontext waar hij werkzaam is. Verwijzend naar de inzichten rond presentie van de Nederlandse sociaalwetenschapper Andries Baart kenmerkt Polspoel het pastoraat in de eerste plaats als een informele aanwezigheid. Hij wijst er echter op dat dit in de therapeutische context niet voldoende is.

 

Pastorale zorg in het Dienstverleningscentrum Heilig Hart te Deinze
Interview met Dhr. André De Decker, directeur

In dit interview geeft André De Decker tekst en uitleg over de inzet van een voltijds pastor in het dienstverleningscentrum Heilig Hart te Deinze. Het takenpakket van de pastor wordt er heel breed ingevuld, waardoor er talrijke legitimerende argumenten aan te wijzen zijn.

 

Gebed van de pastor
Jan Michels

 

Onbekend is onbemind.
Het christelijk geloof vieren met mensen met een verstandelijke beperking, of ‘vieren voorbij Zijn woor
Dorien Veltens

 


 

<< Terug naar overzicht

Thema: BOUWEN AAN BURUNDI

 


 

Edito

Het was deze zomer geen komkommertijd wat nieuws betreft. In eigen land werd hard getimmerd aan de vorming van de verschillende regeringen, met regionale regeringen die al in de zomermaanden gevormd werden en een federale waarvan de contouren zich ook reeds lijken af te tekenen. Het is ooit anders geweest. Elders staan we meer uitgebreid stil bij het Vlaams regeerakkoord.

Op het internationale toneel stond de barometer echter gans de zomer op zwaar weer. Van het hoopgevende verhaal over het gezamenlijke gebed voor de vrede in het Midden-Oosten lijkt nog weinig overeind gebleven: Hamas en Israël vechten een nieuwe Gaza-oorlog uit, het Oekraïense conflict tussen de Westersgezinde regering in Kiev en de separatisten in het oosten krijgt meer en meer het cachet van een totale burgeroorlog, waarbij – per ongeluk – een Maleis vliegtuig uit de lucht wordt geschoten. Geen legertoestel met wapens dus, maar een passagiersvliegtuig met bijna 300 inzittenden. Ondertussen voert het zelfuitgeroepen kalifaat van de Islamitische Staat een schrikbewind in het Noorden van Irak.

We vergeten dan nog even Al Shabab, Al Quaida, Mali, Syrië, of het conflict in Centraal-Afrika. Ook voor de grote internationale televisieketens is het te duur om overal tv-ploegen naar toe te sturen.

Het lijkt alsof de geest uit de fles is. De krijgskansen keren soms op het slagveld, de verliezers zijn echter altijd dezelfden: mannen, vrouwen en kinderen die have en goed kwijt raken, en die deze conflicten niet hebben gewild.

Daarom moeten we het toch blijven proberen en er met alle mogelijke middelen aan werken: vrede is de enige uitweg. Vrede én ontwikkeling. De internationale gemeenschap zal lokaal en tijdelijk moeten ingrijpen –het IS-fanatisme mag geen vrije baan krijgen - maar zal ook het voortouw moeten nemen in de zoektocht naar een nieuwe vorm van samen-leven. Er ligt geen toekomst in een vernederende nederlaag, er is geen simpele militaire oplossing voor een complex probleem. Het principe ‘de vijanden van mijn vijanden zijn mijn vrienden’ is al te vaak kortzichtig gebleken.

We hebben trouwens óók geleerd dat het anders kan. Op het moment dat de wereld in brand stond en resoluties gestemd werden, vonden de leden van de veiligheidsraad ook even de tijd om af te stappen in de Westhoek, om het begin van de ‘Groote Oorlog’ te herdenken, met de boodschap dat dit zich niet nog eens mag herhalen.

De Europese integratie en eenmaking heeft er voor gezorgd dat oorlog kon vermeden worden, ook al omdat de kost ervan te hoog wordt. Ook in het Midden-Oosten kan vrede – en dat is meer dan de afwezigheid van een onmiddellijke oorlogsdreiging – er pas komen als er een nieuw en multicultureel samenlevingsmodel wordt gevonden, waarbij alle volkeren en gemeenschappen, soennieten, sjiieten, joden, christenen, jezidi’s en anderen, er ook sociaal en economisch op vooruit gaan: Populorum Progressio. Het is een proces waarin ook de internationale Caritasgemeenschap zich ten volle in engageert.

Niets doen leidt onherroepelijk tot een verdere desintegratie en destabilisering van de regio, rond etnischreligieuze lijnen. Waarbij iedereen nogmaals zou verliezen.

<< Terug naar overzicht

Thema: WERK MAKEN VAN TOEKOMST VOOR IEDEREEN

 


 

Edito

Op Pinksterdag 2014 nodigde Paus Franciscus de presidenten van Israël en Palestina uit voor een gezamenlijk gebedsmoment voor de Vrede. De Paus richtte zich tot de beide staatshoofden met de boodschap dat de huidige wereld een erfenis is die ons is nagelaten door de vorige generaties, maar tegelijk ook iets dat we voor onze kinderen in bewaring hebben gekregen. Vrede vergt moed, veel meer dan oorlog. De moed om ‘ja’ te zeggen tegen ontmoeting en ‘neen’ tegen conflict; ‘ja’ tegen dialoog en ‘neen’ tegen geweld; ‘ja’ tegen onderhandelingen en ‘neen’ tegen vijandelijkheden...

Simon Perez en Mahmoed Abbas echoden dezelfde boodschap en vanuit de drie Abrahamitische godsdiensten werd voor de vrede gebeden. Het conflict in het Midden-Oosten zal daarmee morgen niet opgelost zijn, maar overeenstemming kan er maar komen door overleg, en overleg begint met ontmoeting: een hoopgevend signaal in een spanningsveld waar de barometer veeleer op slecht weer staat. De erkenning van het wederzijds perspectief kan bezwaarlijk explicieter zijn dan bij de wederzijdse begroeting. Dat ieder in de Geest van Pinksteren, in zijn eigen taal met één stem mag spreken.

Ook de apostelen en de leerlingen begonnen op Pinksteren aan hun verhaal omdat ze erin geloofden, aangevuurd door de Geest, maar verder zonder kosten- batenanalyses of haalbaarheidsstudies, zonder afwegingen welke strategie het meeste succes zou opleveren, én in de wetenschap dat ze er hun hachje bij konden inschieten. Wat overigens voor velen ook effectief het geval was.

Aan die Geest van Pinksteren is er ook vandaag nog wel nood, ook in eigen land, waar de kiezer de kaarten moeilijk geschud heeft. De N-VA heeft een eclatante overwinning behaald, maar die is vooral ten koste gegaan van Vlaams Belang en Lijst De Decker. De partijen in de federale coalitie zijn zeker niet afgestraft, als gevolg waarvan, en van de samenvallende verkiezingen, er nu simultaan schaak gespeeld wordt op verschillende borden.

Laten we hopen dat het geen oefening in hogere wiskunde wordt, waarbij opportuniteiten voor partijen worden afgewogen, maar dat een gemeenschappelijk project kan gevonden worden waar ook de mensen in de rand van de samenleving beter van worden. Ook daar is wellicht meer politieke moed voor nodig dan voor een uitputtingsslag van opnieuw 541 dagen. Indachtig het motto van Jean-Luc Dehaene die ons in volle kiesstrijd ontvallen is, dat een goed akkoord ook inhoudt dat iedereen een beetje gelijk heeft.

 

 

<< Terug naar overzicht

Thema: VERKIEZINGEN 2014. DE TOEKOMST MAKEN WE SAMEN, ZEKER ALS HET MOEILIJK GAAT

 


 

Edito

De regering is ‘in lopende zaken’ gegaan, de balans wordt opgemaakt. Het BHV-verhaal dat de vorige verkiezingen beheerste, is opgelost zonder constitutioneel Armageddon. En de zieke man van Europa zijn we niet geworden: we hebben de crisis betrekkelijk goed doorstaan. Maar ruimte voor versoepeling is er niet: het bankendebacle is nog niet afbetaald, en de armoede is één jaar voor de deadline voor de millenniumdoelstellingen duidelijk niet gehalveerd. Integendeel, de solidariteit staat onder druk. We willen hier uitdrukkelijk tegen de stroom ingaan en pleiten in ons memorandum net voor meer en volgehouden solidariteit: ‘Toekomst maken we samen, ook als het moeilijk gaat’ (zie verder).

Een van de pistes voor het zuiniger omgaan met de middelen van de staat die opgeld maken, is de vermaatschappelijking van de zorg. Wat de samenleving zelf kan doen, hoeft de staat niet te doen. Ook dat is subsidiariteit. Als de staat slechts de emanatie is van de samenleving, houdt vermaatschappelijking van de zorg in dat de samenleving opnieuw meer verantwoordelijkheid krijgt en opneemt voor wat in feite één van haar fundamentele taken is: zorg dragen voor wie daar behoefte aan heeft. We moeten er wel op toezien dat hiervoor ook het kader gecreëerd wordt en dat het niet louter om besparingen gaat.

In plaats van naar de samenleving, kijkt de overheid echter ook en in toenemende mate naar de commerciële sector: de uitbating van het forensisch psychiatrisch centrum in Gent wordt toevertrouwd aan een privé-consortium. Het gaat daarbij niet om het uitbesteden van deeltaken, maar van de zorg zélf, die op die manier voorwerp wordt van winstmaximalisatie. Patiënten en zorg worden daaraan ondergeschikt. Hier wordt een grens overschreden, zeker wanneer geïnterneerden ook zelf zullen moeten meebetalen voor de kosten - terwijl anderzijds grote fraudeurs hun schuld in der minne kunnen afkopen.

We hebben in ons land steeds een gemeenschappelijk gedeelde grondstroom van insluiting gekend: elkeen zou moeten meekunnen, ook al is het systeem onvolkomen en bereiken we niet iedereen. Meer en meer zien we echter aanzetten voor een duale samenleving, waarbij de beeldvorming de hardwerkende burger plaatst tegenover een kwaadwillig profitariaat-proletariaat dat er alleen maar op uit is de kluit – en de hardwerkende burger – te belazeren.

Een dergelijk perspectief is heilloos, niet alleen vanuit ethisch, maar ook vanuit economisch standpunt. Niemand kan niets. Een samenleving bouwen we samen op, niet tegen elkaar. Toekomst maken we samen, ook als het moeilijk gaat..

<< Terug naar overzicht

Editoriaal

Het voorbije jaar 2013 was een belangrijk scharnierjaar voor Caritas Vlaanderen vzw. Intern maakte onze vereniging de ommezwaai van een ledenkoepel naar een thematisch georiënteerde organisatie. Caritas Vlaanderen wil zich in de toekomst vooral toeleggen op de thema’s armoedebestrijding, vrijwillig engagement en identiteit en pastoraal. Het was de sluitsteen van een proces van omvorming dat meerdere jaren in beslag nam. In juni 2013 werden de nieuwe statuten goedgekeurd, en werden de prioriteiten voor de volgende jaren scherp gesteld.

Deze evolutie spoort ook samen met de integratie van de voormalige DAC-medewerkers in het Caritas-verhaal (sinds juli 2012). In 2013 werden heel wat projecten op de rails gezet, waarvan we dit jaar, in 2014, de vruchten zullen kunnen plukken. U vindt ze hieronder kort aangestipt, onder de verschillende thematische rubrieken. Er is het Cahier rond inclusieve communicatie in de zorg, er is het Cahier rond de ondersteuning van beroepsvrijwilligers, dat in de steigers werd gezet. Op Europees vlak werkten we actief mee aan de campagne van Caritas Europa rond Active Citizenship, en waren we vanuit de Gentse ervaring, mede-organisator van een Caritas Europa Conferentie in Koṡice (Slovakije), over de integratiemogelijkheden en –moeilijkheden van de Roma-bevolking.  We bouwden verder op de studiedag ‘Gezond en Wel ?’, van eind 2012, lanceerden een affichecampagne, en organiseerden een studiedag op 11 oktober 2013 in Leuven, onder het thema ‘Vele brillen, één verhaal’, over verschillende wijze van vormgeving van de identiteit van christelijke voorzieningen en organisaties in een complexe, veelvormige en pluralistische omgeving. Eind 2013 volgde de gemeenschappelijke solidariteitscampagne ‘Elk kind onderdak’, samen met de andere partners van Caritas in België.

We kozen dit jaar ook voor een andere vormgeving van het jaarverslag: naast een kort en summier overzicht van de verschillende activiteiten en publicaties, vindt u een aantal meer uitgewerkte inhoudelijke bijdragen, die u als lezer een betere inkijk geven in onze aandachtsvelden.

2013 was ook nog op een andere manier een scharniermoment voor Caritas: de verkiezing van paus Franciscus zorgde voor een vernieuwd elan inzake kerkelijke diaconie. Steeds weer klinkt het appél om de uitgesloten en zwakke mens op te zoeken aan de rand van de samenleving, waar de nood het hoogst is: in humanitaire conflicten zoals in Syrië of Zuid-Sudan, bij de tragedie van Lampedusa en de klimaatcatastrofe van de tyfoon Yolanda in de Filippijnen. In armoede en uitsluiting in eigen land. Het is een aansporing en een uitdaging om op de ingeslagen weg verder te gaan, en vanuit de verschillende invalshoeken één verhaal te laten oplichten. Vele brillen, één verhaal.

<< Terug naar overzicht

Caritas Cahier 14 - mei 2014

Vele brillen, één verhaal. Christelijke identiteit en inspiratie anno 2015.

Onder de titel Vele brillen, één verhaal vond op 11 oktober 2014 in Leuven een studiedag plaats. Op de studiedag werd gereflecteerd over de christelijke identiteit en inspiratie van zorgvoorzieningen. We stonden samen stil bij de vraag óf deze identiteit nog relevant is en hoe ze dan juist inspiratie kan bieden.

Via tien workshops werd de gelegenheid geboden om kennis te maken en in dialoog te gaan met hoe zorgorganisaties hun identiteit benoemen en gestalte geven. Volgende aspecten kwamen daarbij aan bod: zin en onzin van identiteitsverklaringen, bouwen aan een waardenvolle cultuur, het werken met verhalen en symbolen, de implementatie van een visie, omgaan met interne en externe pluraliteit, organisatie-ethiek, hoe de vertaling van identiteit faciliteren en beleidskeuzes en leiderschap gebaseerd op een visie.

De verschillende workshopbegeleiders krijgen in het Cahier een plaats, zodat de publicatie meteen in de praktijk bruikbaar wordt. Ook de inleidende lezing van Dr. Erik Sengers werd, samen met de reflectie die professor Guido Van Heeswijck maakte op basis van de studiedag, opgenomen in het Caritas Cahier.

Caritas Cahier 13 - April 2014

Armoedebestrijding via Inclusieve Communicatie. Communicatiestrategie en Armoedebeleid hand in hand in zorg- en welzijnssector

Alsmaar meer wordt duidelijk dat er een aantal evoluties gaande zijn, die leiden tot een toename van sociale ongelijkheid en armoede. De veranderingen plaatsen ook de zorg- en welzijnsvoorzieningen voor de vraag hoe ze hierop kunnen en moeten reageren. Een mogelijk antwoord ligt in de wijze waarop we communiceren met mensen in kansarmoede. Taal, communicatiekanalen en een gebrek aan informatie vormen grote drempels in de toegankelijkheid van de zorg- en welzijnssector. Zeker voor kwetsbare groepen is duidelijke en begrijpbare communicatie van groot belang.

Het Cahier Armoedebestrijding via inclusieve communicatie geeft in een eerste luik een inleidend beeld van de armoedeproblematiek in onze sector en staat stil bij de kansen die inclusieve communicatie ons geven. Dit doen we met bijdragen van Koen Hermans (LUCAS, KU Leuven), Elise Henin (Christelijke Mutualiteit), Thijs Smeyers (Caritas Vlaanderen) en Eric Goubin (Memori, Thomas More).

In het tweede deel van het Cahier worden goede praktijken aangereikt uit verschillende zorg- en welzijnsvoorzieningen. Onder andere Gasthuiszusters Antwerpen, Wijkgezondheidscentrum Brugse Poort (Gent),  Kinderdagverblijf De Hartjes (Tienen) en Dagcentrum De Takel (Oostende) geven ons inzicht in de wijze waarop zij via inclusieve communicatie mensen in kansarmoede betrekken bij hun organisatie.

Elk van deze verhalen kan inspiratie en moed bieden om te blijven werken aan een zorg- en welzijnssector die voor iedereen toegankelijk en betaalbaar is, zonder dat we daarvoor moeten inleveren op kwaliteit.

Thema: MIGRATIE, AANDACHT VOOR DE MENS ACHTER DE VREEMDELING

 


 

Edito

Je zou bijna denken dat de crisis zo goed als achter ons ligt. De beurs doet het goed, en met de verkiezingen in zicht, swingen de beloftes de pan uit. Er lijkt heel wat in de aanbieding: nieuwe lastenverlagingen, meer netto-inkomen. Werken wordt beloond, hard werken nog meer.

Er wordt blijkbaar vooral ingezet op de electorale vijver van de hardwerkende Vlaming en Belg, die veel belasting betaalt en niet tevreden is met het rendement op zijn spaarcenten. Over de vraag waar men de daartoe benodigde middelen zal halen, hangt nog een flou artistique. Er zijn natuurlijk de terugverdieneffecten, maar daarnaast verwijzen een aantal programma’s en programmaballonnetjes toch vooral naar beperking van werklozensteun in de tijd (ook al zijn er geen jobs in de aanbieding), privatiseringen (o.a. van het gevangeniswezen), en natuurlijk het stopzetten van de transfers naar de Franstaligen.

De verkiezingsstrijd wordt schoorvoetend op gang getrapt met interessant ogende maatregelen, maar een uitgewerkt samenlevingsmodel breekt er maar moeilijk doorheen. Welke samenleving willen we doorgeven aan de volgende generatie? Gaat het inderdaad om een maatschappij waar de haves en cans het halen op de have nots en cannots ? Of durven we toch nog inzetten op een zorgzame, warme samenleving, waar iedereen meetelt – ongeacht afkomst, kansen, overtuiging en zelfs taal ? En waaraan iedereen kan en mag bijdragen – ook al is het maar een beetje en in het rendement beperkt?

Een interessant thema in dit verband is dat van de vermaatschappelijking van de zorg. Het zit in het hart van het beeld van een samenleving die zorg draagt voor de minsten, een samenleving zoals we ze willen dromen. De samenleving komt immers eerst, de Staat is in wezen slechts een construct ten dienste van die samenleving, geen doel op zich, laat staan een entiteit sui generis. We moeten er echter wel over waken dat de vermaatschappelijking van de zorg niet in de eerste plaats een loutere besparingsoperatie wordt, waarbij de lasten worden afgewenteld op de kleine entourage van de zorgvrager – kerngezin, familie en mantelzorgers, gecompenseerd met een individueel rugzakje, maar zonder verdere rugdekking.

We hebben een stevige traditie van een zorgzame samenleving, waarbij een netwerk aan middenveldsorganisaties instond voor zorg en aandacht, en ondersteuning kon mobiliseren. Dat middenveld heeft het klaarblijkelijk al een tijdje verkorven in de politieke arena, maar misschien loont het toch de moeite er opnieuw in te investeren. Wellicht is het op termijn de enige basis waarop een vermaatschappelijking van de zorg zich vermag te enten. Een samenleving gedragen ook en geschraagd door vrijwillig engagement, binnen een wettelijk kader, maar zonder regulitis: zonder dat een vluchteling die, terwijl hij wacht op de uitreiking van voedselpakketten, een handje toesteekt om de bestelwagen met voedingsmiddelen te helpen lossen, een inbreuk pleegt. Misschien wordt het tijd om de overregulering hier toch wat te reguleren…

We leggen op dit ogenblik de laatste hand aan ons eigen Caritas-memorandum, onze eigen droom voor een vernieuwde samenleving. In de volgende Caritas Nieuwsbrief komen we er uitgebreid op terug.

 

<< Terug naar overzicht

Thema: EEN MEER SOCIAAL EN SOLIDAIR EUROPA

 


 

Edito

Op 8 november raasde de tyfoon Haiyan met snelheden tot 275 km/h over de Filippijnen. De balans was dramatisch: meer dan 5.000 doden, 1.600 vermisten, 26.000 gewonden. Meer dan een miljoen huizen
verwoest, 3.5 miljoen mensen die alles moesten achterlaten. In totaal zijn meer dan 14 miljoen mensen door de tyfoon getroffen. Dat is meer dan de volledige bevolking van België.

De internationale hulp kwam snel op gang, en ook het internationale Caritasnetwerk kwam direct in actie. Onze eigen hulpoproep mocht onmiddellijk op uw steun rekenen en ook de Belgische bisschoppen zetten er zich achter. Een dankbare blijk van erkenning voor de mensen van Caritas Filippijnen die al weken in het getouw zijn. De ingezamelde middelen zijn broodnodig en worden goed gebruikt!

Van harte dank dat u ons steunt! Ook al zit het met de tijdsgeest niet altijd mee, en is het momentum alweer voorbij. Geen grootscheepse televisieshow ditmaal, en de berichtgeving kalfde ook al snel af. Zelfs de nieuwswaarde van een tyfoon als Haiyan blijkt al bij al beperkt. Is het ‘donormoeheid’? De zoveelste catastrofe, en de wetenschap dat het niet de laatste zal zijn… Terwijl het hier ook crisis is. En zouden we het niet beter aan de staat overlaten ? Die heft overigens al genoeg belastingen…

Evenzovele en soms prangende vragen mogen echter geen alibi worden om niets te moeten doen. We leven in een samenleving waarin de boodschap al snel overheerst dat onze solidariteit overvraagd wordt, dat de vrucht van onze noeste arbeid verdwijnt in de bodemloze putten van de staat, of dat ze elders wordt afgeroomd. Speelt dit bij ons meer dan in de buurlanden ? Na twee weken stond de teller in Nederland op 0,84 € per inwoner, bij ons op 0,22 €…

Laten we niet kiezen voor negativiteit, maar voor verbondenheid. Solidariteit begint bij mensen, bij jou en mij. Samenleving maken we samen, veraf en dichtbij. We delen met zijn allen de verantwoordelijkheid voor de
toekomst van de wereld.

Een wereld ook die aan iedereen behoort, die we alleen maar in bruikleen gekregen hebben, en die we geacht worden te bewaren voor de komende generaties, én om ervoor te zorgen dat iedereen zijn deel krijgt. Het geeft te denken dat de helft van alle voedsel dat in West-Europa wordt weggegooid voldoende is, om de 870 miljoen mensen die in acute hongersnood leven te voeden. Caritas Internationalis lanceerde precies ook in december haar campagne ‘One Human Family. Food for all’. Een grote mensenfamilie, waarbij niemand nog honger hoeft te lijden. Laten we er met z’n allen ook zelf de mouwen voor opstropen en de handen voor vuil maken.

Solidariteit, vrede en engagement, dat willen we u graag toewensen bij de herinnering aan Gods menswording.

Zalig Kerstfeest en gelukkig nieuwjaar !

 

<< Terug naar overzicht

Pagina's