Het is goed dat Van Den Bleeken niet mag sterven

Dan toch geen euthanasie voor Frank Van Den Bleeken. Goed nieuws, vind ik. Al weet niemand wat Frank Van Den Bleeken zelf ten diepste voelt. Juridische koerswijzigingen wanneer het om leven en dood gaat, getuigen niet meteen van fijngevoeligheid. Zoals het één na één verwijderen van pseudo-acaciabladeren: u mag sterven, u mag het niet, u mag sterven, u mag het niet. Met mensenlevens sollen, nee.

Toch is het goed dat Van Den Bleeken niet mag sterven. Dat de samenleving deze gemakkelijkheidsoplossing vermijdt. De dodelijke combinatie van drie factoren maakte de euthanasie van Van Den Bleeken immers heel plausibel.

Vooreerst is er de liberale euthanasiewet. Ook ondraaglijk psychisch lijden komt in aanmerking. Toppunt van zelfbeschikkingsrecht. Plaatst België op een ethisch eenzame hoogte, volgens sommigen.

Vervolgens is er de vaak schandelijke wijze waarop ons land met geïnterneerden omgaat. Mensen die ernstige feiten pleegden maar niet toerekeningsvatbaar waren. Die ziek zijn. Dus behandeling nodig hebben. Maar geïnterneerden belanden vaak in een vergeetput. Geen serieuze zorg. En een straf die nooit eindigt, omdat ze niet begint.

Ten slotte is er de publieke opinie. Die houdt niet van misdadigers. En al zeker niet van seksuele delinquenten. In tijden van economische schaarste kan investeren in hen op weinig bijval rekenen. Barmhartigheid geldt als een gebrek aan daadkracht. Oog om oog, tand om tand is de dominante regel.

Drie aspecten, een moordende cocktail: als de staat een geïnterneerde dumpt, staat het hem vrij om euthanasie aan te vragen, terwijl de publieke opinie voor de dood van een verkrachter geen traan zal plengen. De geïnterneerde wordt geëxecuteerd zonder dat de doodstraf nodig is. Meer zelfs, gezien het zelfbeschikkingsrecht sterft hij op eigen verzoek.

Gelukkig vond minister Koen Geens op het allerlaatste moment een uitweg, kan Van Den Bleeken wellicht naar een degelijke Nederlandse instelling, en blijft België een (meer dan verdiende) internationale blamage bespaard. Want wat betekent het hooggeprezen zelfbeschikkingsrecht van een in alle opzichten onvrije mens, die van de overheid nooit de medische behandeling kreeg die hij nodig had?

De onverwachte wending in het dossier levert niets dan winnaars op.

Om te beginnen Frank Van Den Bleeken zelf. Sterven is geen succes. Het leidt tot de afwezigheid van lijden, maar ook van leven. Terwijl er in zijn geval wellicht een mogelijkheid bestaat om door een adequate behandeling tot een draaglijk bestaan te komen. Maar ook mensen die op een authentieke manier voor een liberale euthanasiewet ijverden, en wier mening ik niet op alle punten deel, kunnen opgelucht ademhalen. Ik ben het volledig met Wim Distelmans eens wanneer hij stelt dat, inzake Van Den Bleeken, de zorgvuldigheidsvereisten om te mogen sterven niet zijn vervuld. "Het ondraaglijk lijden moet veroorzaakt worden door de ongeneeslijke (psychiatrische) aandoening, wat slechts gedeeltelijk het geval is."

Distelmans hekelt de politieke euthanasie die Van Den Bleeken dreigde te beurt te vallen. Euthanasie zou in dit concrete geval inderdaad alles zijn geweest behalve de triomf van de vrije wil geuit door het autonome individu.

Ook Koen Geens wint. Hij kan bezwaarlijk in een handomdraai de belabberde situatie van geïnterneerden rechtzetten. Maar hij doet tenminste iets. Hij zet een concrete stap, voor een concrete mens.

Natuurlijk zou je kunnen aanvoeren dat geïnterneerden voortaan met euthanasieaanvragen kunnen dreigen om een betere behandeling te krijgen. Euthanasie als Russische roulette. Maar dat is een verkeerd argument. Geïnterneerden hebben altijd recht op een behoorlijke behandeling, ook zonder chantage. Niet omdat ze sympathiek zijn, maar omdat ze mensen zijn.

Dus niets dan winnaars. Hopelijk leidt het ontluisterende dossier-Van Den Bleeken tot echte ethische reflectie, die verder reikt dan het naïef verabsoluteren van een in vele gevallen onbestaand zelfbeschikkingsrecht. Verabsoluteren, schrijf ik wel degelijk. Want ethiek heeft nuance nodig. Geen simpeldom. En geen triomfalisme.

Rik Torfs
Rector KU Leuven

Deze bijdrage werd met toestemming van de auteur overgenomen uit De Morgen