Goed nieuws

Vrijwilligerswerk voor vreemdelingen wordt eindelijk mogelijk gemaakt

Wat Caritas nog in het memorandum voor de verkiezingen van 25 mei vroeg, is vanaf 28 juni in de wetgeving opgenomen. Vreemdelingen met wettig verblijf kunnen vanaf nu vrijwilligerswerk doen. Ook iedereen die recht heeft op materiële opvang mag vrijwilligerswerk doen, behalve de gezinnen met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf. Tot voor kort konden enkel vreemdelingen die vrijgesteld zijn van een arbeidskaart vrijwilligerswerk doen. De nieuwe wet van 22 mei 2014 wijzigt daarmee de ‘vrijwilligerswet’ van 3 juli 2005 waardoor vrijwilligerswerk door vreemdelingen niet meer onder de arbeidskaartenreglementering valt. Via Koninklijke besluiten kunnen later nog extra regels toegevoegd worden. Uiteraard moet het vrijwilligerswerk voldoen aan de gewone voorwaarden van de wet van 3 juli 2005 over de rechten van vrijwilligers. En wat ook belangrijk is: er wordt geen verantwoordelijkheid gelegd bij de organisaties om de papieren van een kandidaat-vrijwilliger te controleren.

Wie mag nu vrijwilligerswerk doen?

Kort samengevat mag iedere vreemdeling die een wettig verblijfsdocument of recht hebt op opvang heeft, vanaf nu vrijwilligerswerk doen. In meer juridische termen, kunnen volgende personen vrijwilligerswerk doen.

1. Personen met een wettig verblijfsdocument

Dit is een verblijfstitel of verblijfsdocument toegekend krachtens de Verblijfswet van 15/12/1980 en de uitvoeringsbesluiten ervan. Er is nog geen officiële lijst van documenten die in aanmerking komen voor vrijwilligerswerk. Maar volgens Kruispunt Migratie-Integratie komen bijvoorbeeld in aanmerking:

  • alle elektronische A, B, C, D, E, E+, F, F+, H verblijfskaarten
  • papieren documenten of proceduredocumenten zoals de bijlage 19 (aanvraag tot inschrijving voor Unieburgers), de bijlage 35 (procedure-document tijdens een procedure bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen)
  • het attest van immatriculatie, - de aankomstverklaring voor toeristen,

2. Personen die recht hebben op opvang

Hier gaat het over het recht op materiële opvang volgens artikel 2, 2° van de Opvangwet van 12-01-2007, behalve de gezinnen met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf die bedoeld worden in artikel 60 Opvangwet.

Wie behoort zoal tot deze groep en kan dus vrijwilligerswerk doen?

  • asielzoekers
  • niet-begeleide minderjarigen
  • afgewezen asielzoekers met een verlengd recht op opvang door medische overmacht, zwangerschap, familiale eenheid,...

Nog niet voor iedereen… Er blijven nog een aantal groepen uitgesloten van vrijwilligerswerk. Namelijk vreemdelingen zonder wettig verblijf die geen recht op materiële opvang hebben en gezinnen met minderjarige kinderen zonder wettig verblijf ondanks hun recht op materiële opvang (behalve afgewezen asielzoekers met een verlengd recht op opvang).

Cumulatie met de dagvergoeding in de opvang

Voor de volledigheid nog deze informatie (Bron: Kruispunt Migratie-Integratie):

Een ‘begunstigde van de opvang’ behoudt zijn dagvergoeding in de opvang wanneer hij vrijwilligerswerk doet, als hij op voorhand aan Fedasil meldt dat hij vrijwilligerswerk gaat doen. Fedasil kan het vrijwilligerswerk voor begunstigden van de opvang beperken of verbieden, of de cumulatie met de dagvergoeding beperken of verbieden, in een aantal gevallen:

  • Als de activiteit geen vrijwilligerswerk blijkt te zijn
  • Als de activiteit door haar aard, duur of frequentie geen activiteit is die gewoonlijk door vrijwilligers wordt uitgeoefend
  • Als de activiteit afbreuk doet aan de goede werking van de opvangstructuur
  • Als er elementen zijn die wijzen op misbruik

Deze extra bevoegdheden van Fedasil zullen nog worden verduidelijkt in een uitvoeringsbesluit.

Meer info

Wet van 22 mei 2014 tot wijziging van de wet van 3 juli 2005 over de rechten van vrijwilligers